Home/nieuws
Donateurschieten2017
kampioenschieten2017
Koningschieten 2017
OLS 2017
Feestavond 2016
LDS 2016
Jaarprogramma 2017
Geschiedenis
Gastenboek

Ontstaan van Schutterij Sint Oda:

Hoewel de gemeente Weert, met nauwelijks 7800 inwoners, in 1885 al 5 schutterijen had (zijnde: St. Catharina, St. Hubertus, St. Joris, St. Anthonius en St. Sebastianus), had men ook op Boshoven de behoefte om een eigen schuttersgezelschap op te richten; Enkele Boshovenaren kwamen op 15 maart bijeen in het huis van de gepensioneerde spoorwegbrugwachter Huub van Dijk met de plannen om een schutterij op te richten; Willem Lenders, op dat moment lid van St. Anthonius, was één van de aanwezigen en hij werd geraadpleegd over de plannen; Hij stond hier geheel achter en dat resulteerde dan ook in de oprichting van Schutterij Sint Oda op 15 maart 1885; De overige oprichters waren Tummer Tieske (Scheepers), Leonard Smolenaers, Willem de Pregter, Willem Moers, Graad Vleeshouwers (de 1e secretaris), Antoon Ogier, Willem Lenders (de 1e voorzitter), Theodoor Janssen, Pier Jansen en Johannes Verbael; Een eerste vereiste was het in de pas lopen en daarom werd dat dan ook direct geoefend op "d'n Hoof" onder supervisie van Willem Lenders; Hoewel de eerste contributie slechts 4 cent per maand bedroeg, slaagde men er toch al vrij snel in een grenenhouten buks aan te kopen, een zogenaamde bovenlader; De eerste schietboom verrees op de Boshoverschans tegenover de voormalige school van meester Sjef Stals; Het eerste drapeau van Sint Oda bestond uit een stok met daarop een ekster, gedragen door een jongen, die links en rechts geflankeerd werd door 2 knapen met een lint dat aan deze drapeau was bevestigd; In 1912 ontving de Schutterij een echte drapeau; In 1935 werd de drapeau vervangen door een prachtig nieuw vaandel; Dit vaandel werd in 1978 vervangen door het huidige vaandel van de Schutterij met daarop de afbeelding van de heilige Sint Oda.

De Patrones Sint Oda:

Schutterijen hebben altijd een nauwe binding gehad met de kerk, hetgeen blijkt uit het feit dat iedere schutterij en eigen patroonheilige had; Het lag dan ook voor de hand dat Boshoven koos voor de Heilige Oda als beschermheilige omdat zij volgens de legende een binding had met dit gehucht; Oda was blind geboren als dochter van de Schotse koning Eugenius; Deze was zeer bedroefd dat zijn dochter door haar blindheid geen goede huwelijkskansen had; Doch tijdens een pelgrimsreis naar Luik genas Oda van haar blindheid en deed zij de gelofte om ongehuwd te blijven en haar leven te wijden aan God; Haar vader wilde haar echter tot een huwelijk dwingen, waardoor Oda wegvluchtte uit haar geboortestreek en, na een lange reis, terechtkwam in een groot bos op Boshoven, waar zij een tijdlang leefde als kluizenares; Volgens de legende wist haar vader haar hier op te sporen omdat eksters haar schuilplaats verrieden door hun wilde geschetter; Aan dit verhaal is het ook te danken dat Sint Oda meestal wordt afgebeeld met een ekster op haar hand; St. Oda is via Venray verder gevlucht naar St. Oedenrode (=St. Oda's rode), waar zij in 726 is gestorven in haar 36e levensjaar.  

 

Schutterij
Schutterijen, schuttergilden en het ontstaan daarvan.
We moeten ver terug gaan in de geschiedenis om de eerste broederschappen tegen te komen.
Al in de tijd van de INCA´s in Zuid-Amerika is er sprake van een samenwerkingsverband tussen bepaalde groepen mensen.
Een broederschap kunnen we het best omschrijven als:
* een plaatselijk samenwerkingsverband van mannen en vrouwen om elkaar te helpen.
In dit verband moeten we niet alleen denken aan natuurrampen, maar ook aan roof, plundering en brandstichting.

Uit deze broederschappen (maar dan met een ander doel) zijn in onze streken de ambachtsgilden voortgekomen.

In de 13e eeuw was de ontwikkeling van de steden in volle gang. De handel en nijverheid kwam in gang. De burgers van de steden die eenzelfde ambacht uitoefenden, verenigden zich in corporaties om hun gemeenschappelijk doel veilig te stellen. Die belangen golden in de eerste plaats het ambacht. Aan de leden werden hoge eisen gesteld, met een tweeledig doel:
1. het moest het behoud van de kwaliteit waarborgen, en
2. het aantal ambachtslieden kon worden beperkt, om eventuele ongewenste konkurrentie bij voorbaat te voorkomen.
Kortom, het was een select gezelschap van vakbroeders.

De ambachtsgilden onderhielden een nauwe band met de kerk. Vrijwel ieder beroeps- of ambachtsgilde had een eigen patroonheilige en altaar in de kerk. Zo vereerden de timmerlui St.Jozef.
De ambachtsgilden hebben een grote invloed gehad op de ruimtelijke en structuele ontwikkeling van de steden.

Het begrip stad had in die tijd geen vaste betekenis. Vaak was het niet meer dan een aantal huizen gegroepeerd rondom een klooster of kasteel. Het gebied wat wij nu kennen als Noord-Brabant en Limburg was een lappendeken van grootgrondbezitters. En menigmaal kregen de bewoners een nieuwe heer, die na een onderlinge strijd bezit nam van zijn verkregen "oorlogswinst". Vaak werd door de plaatselijke heer dan ook een groep mannen aangesteld, die als opdracht kregen om de leefgemeenschap te beschutten, maar natuurlijk in hoofdzaak zijn eigen bezit.

In het einde van de 13e en in de 14e eeuw werden de grotere steden versterkt met poorttorens en stenen omwallingen. Het was algemeen gebruik dat de ambachtsgilden elke een gedeelte van de stadsmuur onder verantwoording hadden ter verdediging. Van echte bewapening was toe nog geen sprake.

Maar in de eerste helft van de 14e eeuw ontstond er steeds meer behoefte om te komen tot een geoefende burgerwacht, die niet alleen nodig waren voor bescherming, maar ook om de
orde te handhaven en bij helpen van branden blussen.
Deze burgerwacht werd gevormd uit diverse leden van ambachtsgilden die bravoure uitstraalden, en die een onbesproken gedrag hadden. In principe stond deze burgerwacht aan de wieg van de schuttersgilden.
Vanwege het semi-militaire karakter werden ook diverse typische militaire aspecten uit het leger overgenomen, zowel wat organisatie betrof als de uiterlijke verschijningsvorm.

De militaire vorm nam echter in de 15e, maar vooral in de 16e eeuw weer af. Door de grote legers die werden ingezet kon de burgerwacht weinig meer uitrichten, en vanaf die tijd waren ze meer op kleinere schaal in de stad actief. Als orderbewaker, brandweer, en als erecorps bij feestelijke gebeurtenissen.

Een belangrijke datum in de geschiedenis van de gilden is 10 augustus 1566. Op die dag ontstond in Steenvoorde in West-Vlaanderen de beeldenstorm uit. In enkele weken tijd breidde die zich uit over heel België en Holland. Door de zilverroof en kapotgeslagen gildealtaren moesten veel gildeactiviteiten noodgedwongen worden beëindigd. Ook het uitbreken van de 80-Jarige Spaanse overheersing van 1568 tot 1648 kwam de gilden niet ten goede. Hoewel tegen het eind van de 80-jarige oorlog weer veel gilden werden opgericht. Maar vaak waren het dan schuttersgilden die als vermaak het papegaaischieten beoefenden.

Met de komst van de Franse revolutie op het einde van de 18e eeuw zijn wederom veel gilden verloren gegaan. Nu betrof het vooral de gilden van de ambachtslieden. Want de voorrechten die deze gilden zichzelf hadden toegeëigend waren niet in overeenstemming met de opvattingen van: vrijheid, gelijkheid en broederschap. Omdat veel schuttersgilden binding hadden met de ambachtsgilden gingen ook zij mee ten onder.

Opmerkelijk is, dat vooral de overkoepelende Zuid-Brabantse gildenfederaties van nu, een gilde wat z´n ontstaan heeft na de Franse revolutie niet erkend, en daarmee niet bij de Federatie kan worden aangesloten.

Van de meeste schutterijen die wij in deze kontreien kennen, Nederlands en Belgisch Limburg, wordt gezegd dat ze de militaire kenmerken hebben ontleend aan de ontwikkelingen in de 19e eeuw.
Nadat de Franse overheersing in 1813 teniet was gedaan, werd in 1815 een wet ingesteld:
in alle steden worden als vanouds schutterijen opgericht tot behoud der inwendige rust.
De voorgeschreven sterkte was 2 schutters per 100 inwoners. Dus na vele decennia van uitsluitend folkloristische en volksvermakelijke doelstellingen, waren er nu weer officieel omschreven militaire teken voor de schutterij.
Opmerkelijk is dat deze vorm van het schutterswezen alleen in Belgisch en Nederlands Limburg en in de Achterhoek voorkomt. Dan zou als volgt te verklaren zijn: ten tijde van de heroprichting van de schutterijen in 1815 viel alles ten noorden van de lijn Weert - Venlo tot de Bataafse
Republiek, later het Koninklijk Holland. Wellicht hebben de daar nog rustende schutterijen geen gehoor gegeven aan de oproep.

Maar niet voor lang, want toen enkele tientallen jaren het animo voor de militaire oefeningen afnam, verdwenen ook weer de dienstdoende schutterijen. En toen aan het einde van de 19e eeuw het Nederlandse Leger officieel in het leven werd geroepen werd de taak van de schutterijen geheel overbodig.

Wat er nu nog over is, is weer gebaseerd op folklore en vermaak.

Het schutterswezen in Belgisch en Nederlands Limburg
De schutterijen in Nederlands en Belgisch Limburg zijn georganiseerd in de Oud Limburgs Schuttersfederatie, kortweg
OLS. Dat zijn er zo´n 170.
1 Keer per jaar komen zij tezamen op het Oud Limburgs Schuttersfeest, altijd de eerste zondag van juli. Op dit feest strijden zijn om de prijzen in de optocht, muziekwedstrijden, koningen, vendelzwaaien, marketentsters, enz.
Maar de hoogste eer is toch wel het winnen ven het OLS. Per vereniging worden de 6 beste schutters afgevaardigd die de eer niet alleen namens de vereniging, maar ook namens de gehele gemeenschap moeten verdedigen.
Met een Oud Limburgse Schuttersbuks wordt geschoten op een hark waar per vereniging 18 stopjes staan. Elke schutter mag drie keer schieten. Indien alle schutters alles raak hebben, krijgen ze opnieuw een rij van 18 stopjes ter beschikking, net zo lang, totdat er een vereniging overblijft, die geen misser heeft. Vaak duurt dit 2 à 3 dagen. In de geschiedenis van onze vereniging is het 1 keer voorgekomen dat we het OLS hebben gewonnen, in 2000 in Baarlo.
Het organiseren van zo´n groot schuttersfeest is een hele klus. Er komen ± 10.000 schutters bij elkaar, en nog zo´n 50.000 bezoekers.
Meer informatie over het OLS is te vinden op
Wikipedia

Per regio zijn er ook nog kleinere schuttersbonden, die echter wel allemaal onder de OLS federatie vallen. Onze bond, Eendracht Maakt Macht Weert of kortweg de
EMM, telt 27 verenigingen die 5 keer per jaar bij elkaar komen op een schuttersfeest wat bij toerbeurt wordt georganiseerd. Zij strijden met elkaar in een soort competitie op alle onderdelen die het schutterswezen rijk is. Dit is niet alleen een wedstrijd op zich, maar tevens een goede voorbereiding op het Oud Limburgs Schuttersfeest.